Ga je Duits studeren, dan krijg je gedurende al je studiejaren taalvaardigheidstraining. Daarbij leer je de taal steeds beter spreken en verstaan, lezen en schrijven. Uiteraard krijg je ook grammatica. Je wordt niet alleen ingewijd in de taal, maar ook in de cultuur van Duitsland . Er wordt ruim aandacht besteed aan kennis van land en volk. In het vakonderdeel ‘Landeskunde’ bestudeer je de topografie, de sociale omgangsvormen, de maatschappelijke instellingen en de geschiedenis van Duitstalige landen. In het eerste jaar ga je een week op excursie naar bijvoorbeeld Berlijn, München of Frankfurt en in de hoofdfase van de studie kun je 3 maanden aan een Duitse universiteit studeren. Bij de opleiding Duits wordt bovendien veel aandacht besteed aan jeugdliteratuur; ook moderne en oudere literatuur komt in samenhang met geschiedenis aan de orde. Je bezoekt ook Duitse films en toneelstukken en optredens van Duitstalige cabaretgroepen en schrijvers.
Bij vakdidactiek leer je hoe je de Duitse taal aan leerlingen aanbiedt en hoe je het leerproces organiseert. Je leert didactische modellen kennen voor lees- en luistervaardigheid, spreek- en schrijfvaardigheid en voor grammatica. Je maakt motiverend lesmateriaal met en voor de computer en leert hoe je een toets op moet samen stellen. Je oefent in de stagevoorbereiding hoe je een lesplan maakt en hoe je een klas of groep instrueert en begeleidt.

